Naar de beginpagina van Komp u ter hulp

Lidwoorden 1

Vul de lidwoorden in, klik dan 1 keer met je muis om het ingevulde te blokkeren en scroll dan naar beneden, en klik op controle en ok en kijk wat je goed hebt ingevuld. Meer taallessen

Dutch articles
Fill in, de, het or een and click one time with your mouse when you are ready.
Scroll down and click on controle and ok to see what is right or wrong.
More Dutch language lessons like this

Zie hier de taalregels van de lidwoorden.

 

 



 

Zoek het goede lidwoord bij het zelfstandig naamwoord dat er achter staat.

Je kunt kiezen door op het driehoekje te klikken.

Je moet wel eerst bekijken of je een bepaald of een onbepaald lidwoord moet kiezen.

Klik daarvoor op het vraagteken te klikken.

Ik zie hoe bakker taart bakt.
In boom zat zanglijster.
Weet je dat huis van mijn oom in mooie straat staat?
Voor kerk staat hoge boom.
Ik weet dat rivier naar Noordzee stroomt.
Mijn broer wil appel.
Onze kip legt elke dag ei.
Nog steeds brandt lantaarn voor onze school niet.
Piet ving vorige week snoek.
Hij zag dier in gracht zwemmen.

Jelle zit in box met blokken te spelen.
In herfst hebben we naar paddestoel gezocht.
Deze boer bleek ooit paard te bezitten.
In tuin bloeiden gladiolen en rozen.
Tijdens voorjaar schijnt zon meer dan in herfst.
Wanneer heeft dorp kerk met hoge toren gehad?
Gaan jullie met bus of met trein naar stad?
Toen kwam juffrouw verhaal uit boek vertellen.
Jan heeft bok met touw vastgebonden.
Wat is winter dit jaar al vroeg ingevallen!